Tekstgrootte
Alle leerlingen hebben recht op onderwijs op een school die past bij hun kwaliteiten en hun mogelijkheden. Nadat een leerling is toegelaten tot een school, spant de school zich daarvoor in. Boven alles werkt onze school aan rust, ruimte en structuur; aan een pedagogisch klimaat waarin de leerlingen zich veilig voelen en tot ontwikkeling kunnen komen; in die zin aan het voorkomen van grensoverschrijdend gedrag en alles wat daaruit kan voortvloeien. Daarbij kijken we vooral ook achter het gedrag van leerlingen; hoe komt het dat de leerling doet wat de leerling doet; en: kunnen we ongewenst gedrag voorkomen.
Hoe dat werkt in school? Als er vanuit het klassenteam vragen zijn met betrekking tot het gedrag, dan wordt er een hulpvraagformulier ingevuld. Samen met de aan school verbonden orthopedagogen wordt aan de hand daarvan besproken wat er al gedaan is; en wat er verder gedaan kan worden om ongewenst gedrag structureel te voorkomen. De regels voor grensoverschrijdend gedrag zijn opgesteld om -ten behoeve van de veiligheid van alle leerlingen en personeel- vast te stellen hoe we daarbij handelen.
Leerlingen ontwikkelen zich. Daarbij kunnen situaties ontstaan waarin het aanbod van de school niet meer aansluit bij de behoefte van de leerling. Dit kan zich bijvoorbeeld manifesteren in grensoverschrijdend gedrag. Het kan dan nodig zijn om corrigerend op te treden. Bij een confrontatie, bedreiging of een dreigende escalatie kan personeel gedwon-gen zijn fysiek in te grijpen volgens het protocol fysiek begrenzen. In alle gevallen wordt dit aan u gemeld. Corrigerend optreden kan ook met een tijdelijke schorsingsmaatregel.
Wanneer bijsturen niet helpt, kan het zelfs nodig zijn een verwijderingsprocedure op te starten. Zowel schorsen als verwijderen zijn verstrekkende maatregelen die een (tijdelijke) inbreuk vormen op het grondrecht op onderwijs en die diep ingrijpen in het leven van een leerling en zijn ouders. Daarom wordt niet te lichtvaardig besloten tot het treffen van zo’n maatregel. Deze mag alleen door schoolleiders genomen worden.
Schorsen
De schorsing is een besluit van de school (namens het bevoegd gezag) om een leerling wegens een bepaalde gedraging tijdelijk de toegang tot de school waar deze is ingeschreven te ontzeggen. Het middel van de schorsing kan worden gebruikt:
De schorsing wordt pas schriftelijk bekend gemaakt aan ouders, nadat de zienswijze van ouders is opgevraagd en meegewogen in de besluitvorming. Bij de schriftelijke bekendmaking wordt de reden van de schorsing vermeld. Bij een schorsing van meer dan één dag moeten de Inspectie van het Onderwijs (IvhO) schriftelijk worden geïnformeerd. Een schorsing mag maximaal vijf schooldagen duren.
Verwijderen
Verwijderen is het door de school eenzijdig uitschrijven van een leerling. Dit mag alleen als een andere school bereid is de leerling in te schrijven. Aan een verwijderingsbesluit gaat een schriftelijk voornemen vooraf.
Een voornemen tot verwijdering wordt schriftelijk bekend gemaakt aan de ouders. De Inspectie van het Onderwijs, de leerplichtambtenaar en het schoolbestuur worden van de verwijdering op de hoogte gesteld.
Verwijderen is de zwaarste maatregel die kan worden toegepast en wordt dus uiterst terughoudend ingezet. Er wordt door de school met alle zorgvuldigheid gewerkt en duidelijk kenbare belangenafweging gemaakt.